
KNSB: Pallas 1, kop op!In de derde klasse degraderen de nummers 10 en de drie slechtste nummers 9 uit de zes poules. Nog één ronde.. Dat gebeurde vrijwel gelijktijdig met buurman Matthijs aan bord zeven, die daar echter bepaald minder tevreden over mocht zijn (en was, en is). Met wit tegen invaller Rob van der Meer, bereikte ik niets anders dan een totaal vervlakt eindspel. Hoewel ik bijna een half uur tuurde naar een pionwinst, die er volgens mij in moest zitten, vond ik deze niet. Maar die was er wel! Strafwerk: openingsboeken weg, tactiekboek erbij en oefenen maar. Snel daarna ontstond er tekening in de strijd. Bas, aan bord vijf tegen hun teamleider Egbert Wind, zag in een Konings-Indiër de bekende opmars van zwarte pionnen op zijn kort gerokeerde koning afkomen. Bas deed het omgekeerde op de damevleugel, maar had zijn lopers ongelukkig op e2 en d2 geplaatst. Daardoor kon hij over de tweede rij geen enkele verdediging opzetten tegen de brute matdreiging op h2, waarmee hij na 20. ...Dh4, een zet die Bas totaal gemist had, werd geconfronteerd. Au! Een tijdje bleef het 2-1 voor de Friezen, die zoals bekend in 854 na Chr. Bonifatius hebben vermoord. Pim liet zich door deze historische gruweldaad niet afschrikken en maakte remise tegen niemand minder dan FM Maarten Etmans. Diens indrukwekkende beeltenis op de ratinglijst doet vermoeden dat je het hier met Wodan, Donar of met Thor de Verschrikkelijke van doen hebt – en in Pims positie was ik een hoekje gaan zitten huilen toen op het bord inderdaad een Scandinaviër verscheen. Pim bleef echter rustig en zette zelfs een aanvalstelling op, die door een afgedwongen zetherhaling van beide zwartveldige lopers door Etmans geneutraliseerd werd: 2,5-1,5.
René speelde met zwart tegen Oene Schriemer. Aan bord vier ontstond een felle strijd. Wit kreeg een open h-lijn, maar zijn koning bevond zich niet ongevaarlijk in het midden. Zwart had wijselijk evenmin gerokeerd, maar zijn monarch was veilig. René zette met behulp van een loper- en dameschaakje een aanval op, waarbij de zwarte toren op de halfopen f-lijn het laatste zetje moest geven. Zo ver kwam het echter niet, toen Oene de krachtzet Dg5 produceerde, waarna René ineens alle zeilen moest bijzetten en dat gelukkig ook deed door zijn koningin fluks terug te sturen naar de verdediging. Toen de laatste lichte stukken werden geruild, stelde Oene voor het punt te delen, hetgeen door René niet afgeslagen kon worden. Het bleef nog heel lang spannend. Jim verdient een groot compliment. In een gewonnen stelling gaf hij (“in broad daylight”) zomaar de belangrijke pion f5 weg, waar het witte paard van Eelke Heidinga dankbaar gebruik van maakte. Plotseling had Eelke compensatie voor de kwaliteit, temeer omdat de zwarte pion e4 zwak werd en er ook ineens paardvorkje op d6 in de stelling kwam. Slim bood Eelke remise aan. Jim herpakte zich, ging rekenen en vergewiste zich tot tweemaal toe van de bij Max en Radboud overgebleven stellingen. Toen trok hij twee conclusies: 1. ik moet winnen en 2. ik ga winnen. Hij won. Consequent rukte hij op de damevleugel op en liet heel fraai zijn a-pion ter dame snellen. Toen was de strijd op de andere borden echter ook gestreden. Radboud had zich duchtig voorbereid op een pot tegen Marcel Vermaat. Deze verscheen echter niet aan de start en nu speelde hij, moedig aan bord één gezeten, tegen Rein de Boer. Met wit kwam Radboud pardoes in een damegambiet terecht en aan niets was te zien dat onze man in deze opening debuteerde. Sterker nog, met een fraaie afwikkeling had Radboud de partij waarschijnlijk naar zich toe kunnen trekken! Dit verzuimde hij echter en in een eindspel ging de strijd lang gelijk op, al had Rein het voordeel van een pionnenmeerderheid op de damevleugel, maar Radboud niet meer dan een dubbele g-pion tegenover kon stellen, zodat hij geen vrijboer kon creëren. Onder druk van de stelling en misschien ook van de stand, besloot Radboud een paar keer tot een te bescheiden voorzetting en hij liet zwart ruimte winnen. Een eerste kans om de pot te beslissen werd door Rein gemist, de tweede helaas niet... Maar Radboud deed het goed en heeft hard gevochten. Als altijd gold dat ook voor Max. Hij had zwart aan het tweede bord tegen Auke van der Heide. Max stond de hele partij een pion voor en wikkelde goed af naar een dubbel- en later enkel toreneindspel. Omdat Max een vrijpion op de damevleugel kon maken en zijn toren actief stond leek hij te winnen, maar niet voor het eerst dit seizoen wilde het net niet lukken. Mede daarom baalde – en baalt – Max enorm. Met zijn schaakkracht en wedstrijdmentaliteit kan het echter niet anders of de betere resultaten gaan weer komen. 11 april gaat het gebeuren; adem in, adem uit. Niet kijken naar de stand, gewoon goede zetten doen, één voor één - en dan weer één, en dan weer. Kop d'r veur!
|