DSG Pallas aamenu ☰ MENU
Deventer,  02-04-22  auteur: René Renders

KNSB: Pallas 1 kan de punten niet in eigen huis houden

Het was een frisse, maar prachtige zaterdagmiddag waarop we voor het eerst meemaakten dat drie KNSB-teams van Pallas tegelijk thuis speelden.
Een prachtig gezicht, de grote zaal van de Schalm tot de nok gevuld met schakers, en enkele toeschouwers.
Die kwamen echter te laat om te zien hoe Daphne Pallas 3 op voorsprong zette, maar er was nog genoeg te beleven!

Voor Pallas 1 verliep de middag helaas minder gunstig. Tegen wederom een sterke tegenstander, het jonge Assen (aangevuld met één zeer krasse oudere speler), kwam het verlies vrij regelmatig tot stand, al had ik nog een tijdje de hoop dat het 4-4 zou kunnen worden.

De middag begon voor ons nog mooi, met een prachtige overwinning van Radboud die zijn tegenstander vanuit de opening overspeelde.
Ongetwijfeld was hij geïnspireerd door mijn nuttige voorbereidingsinformatie (“hij speelt de Pirc”), en had in no time een witte pion op e7 staan. Die belemmerde zwart om zijn stukken te ontwikkelen, zelfs nog nadat hij van het bord was verdwenen. De zwarte koning kon niet uit het centrum, terwijl Radboud de zijne met een mooi stil zetje aan de kant schoof om plaats te maken voor het laatste aanvalsstuk, waarmee de partij beslist was.

Het was lang geleden dat we voor het laatst op voorsprong gestaan hadden, en helaas bleek dit ook de enige overwinning van de middag. De voorsprong bleef een tijdje in stand, maar werd door de tegenstander toch omgebogen. Van de partij van Martijn heb ik niet veel gezien, ik dacht dat hij wel redelijk uit te opening kwam, maar een slimme verdedigende zet van zijn tegenstander over het hoofd zag. Hij moest enkele pionnen geven, en dit was teveel van het goede. Niet lang daarna moest ook Pim zijn koning omleggen. Zijn gehoopte aanval kwam niet goed uit de verf en tegenstander Tjapko Struik was in het vervolg gewoonweg te sterk.

Jim probeerde met zwart de opening solide te spelen, waar hij op zich wel in slaagde, maar hij haalde wel enkele zetten door elkaar. Dat was volgens mij nog niet het einde van de wereld, maar om daarna een aanval op touw te zetten met een ontwikkelingsachterstand bleek toch meer dan zijn stelling kon hebben. In de zoektocht naar voortzetten van de aanval ging hij te ver.
Hij dacht de dame van zijn tegenstander in de problemen te brengen, maar die had in een ingewikkelde stelling net wat verder gekeken, wat ertoe leidde dat juist Jim zijn dame moest geven voor te weinig materiaal. Dat betekende 3-1 achter, maar op dat moment waren er op de overige borden nog wel kansen volgens mij.

Morris speelde met zwart een goede partij tegen Rieks Taal, maar die deed zelf ook niet veel verkeerd. Toch lukte het om via een pionoffer in het verre middenspel (beide spelers nog dame, toren en paard) een verantwoorde winstpoging te wagen. Dit lukte bijna, maar wit kreeg het net op tijd onder controle. Daarop moest Morris genoegen nemen met eeuwig schaak. Korte tijd later vielen twee stellingen die ik eerst al gunstig inschatte, toch verkeerd uit. Invaller Robbert speelde tegen de invaller bij Assen, de hierboven al gememoreerde speler. Ondanks diens levenservaring trok die agressief van leer en pakte met wit veel ruimte.
Er ontstond een spannende stelling, waarbij Robbert een goede tegenaanval kon plaatsen, die hem uiteindelijk stukwinst opleverde, tegen enkele pionnen die er verspreid en ogenschijnlijk zwak bij stonden. Na dameruil en een enkele onnauwkeurige zet bleek echter dat die pionnen voor zoveel gevaar zorgden, dat de loper van Robbert overbelast raakte en hij niet meer kon verhinderen dat wit ging promoveren.

Ongeveer tegelijkertijd moest Arnold opgeven. Die had optisch een geweldige stelling opgebouwd met een witte pion op f7 en de zwarte koning op f8, wat er voor zwart erg benauwd uitzag.
Het bleek echter ook erg ingewikkeld, en mogelijk heeft hij daar iets beslissends gemist. Hoewel de zwarte koning geen kant op kon, lukte het Arnold niet om een dodelijk schaakje te vinden, terwijl de zwarte stukken steeds betere velden wisten te vinden. Dat werd uiteindelijk zijn eigen koning fataal.

Met deze snel opvolgende uitslagen was de wedstrijd beslist en waren mijn tegenstander en ik de enigen die nog bezig waren. Op dat moment in een zeer gelijk toreneindspel, waarbij beiden het nog een tijdje probeerden, maar uiteindelijk was er niets meer over om voor te spelen.
In de opening bleek ik het echter te hebben laten liggen, maar het was wel ingewikkeld. Het pionoffer wat ik speelde was correct, maar waar ik intuïtief Tad8 speelde, had ik, volgens de engine dan, Tfd8 moeten spelen, wat mijn voordeel deed kelderen van -3 naar -1. Direct daarna had ik een stuk moeten offeren, terwijl een ander stuk nog hing. Dat was veel te ingewikkeld, maar de eenvoudige afwikkeling die ik koos, bleek niets te beloven en ik moest nog mijn best doen om groot nadeel te vermijden. Een terechte remise derhalve.

Daarmee kwam de eindstand op 2-6, gelet op het krachtsverschil geen vreemde score, maar een puntje vandaag was toch wel mooi geweest. Nu staan we echt in de gevarenzone en zullen dus alles uit de kast moeten halen om het vege lijf te redden. Dit zal dan twee keer in Friesland moeten gebeuren, eerst in Sint Jacobiparochie en vervolgens in Sneek.